Reisverslag van reisspecialist Brigit

Dé highlights van Brazilië

Brazilië was voor mij een bestemming waar ik nog nooit geweest was, maar al wel veel leuke verhalen van mijn collega Danilo over had gehoord. De reis die ik gemaakt heb, bestond vooral uit plaatsen die echt de moeite waard zijn om te bezoeken: Rio de Janerio – Ilha Grande – Paraty – Foz do Igaucu – Bonito – Pantanal – Salvador – Morro de São Paulo en Lencois.

Rio de Janeiro en Salvador waren toch echt wel dé hoogtepunten tijdens mijn reis. Voor allebei de plaatsen raad ik toch wel aan om er 3 of 4 nachten te verblijven. Beide steden hebben veel gemeen, maar zijn toch heel anders in uitstraling. Ze zijn bijvoorbeeld beiden de hoofdstad van Brazilië geweest, staan bekend om het Carnaval en de prachtige stranden. Er is veel te zien, doen en beleven.

De lekkerste lokale gerechten

Mijn reis begon in Rio de Janeiro. Ik zat in een hotel vlakbij het strand van Copacabana. In de ochtend was het voor mij even wennen om de straat op te gaan, maar zolang je je telefoon en camera niet in het zicht hebt, is er niets aan de hand. En natuurlijk is het belangrijk om niet de onbekende wegen in te gaan. Ik liep langs het strand van de wijken Copacabana en Ipanema en het was zó mooi om de levendigheid hier te zien. Zoveel beachvolleybalvelden en iedereen die van de heerlijke zon aan het genieten was. Op de zondag is de boulevard autovrij. Je ziet de locals (carioca’s) allerlei sporten beoefenen; voetballen, hardlopen, etc. Daarnaast stikt het er van de verkopers en straatartiesten. Ik keek mijn ogen uit!

In de middag had ik een citytour op het programma staan. Als lunch at ik mijn eerste lokale gerecht; Coxinhas. Een Braziliaanse snack met kip en roomkaas, in een krokant jasje. En Pão de Queijo. Dit is een klein bolletje met kaas erin. Allebei erg lekker. Iets wat je écht geproefd moet hebben. 

Een van de zeven wereldwonderen

Mijn city tour was een gedeelde excursie in internationaal gezelschap. Ik had een hele leuke gemengde groep. Allereerst bezochten we één van de zeven wereldwonderen; het Christusbeeld (Cristo Redentor) op de Corcovadoberg van 710 meter hoogte. Het beeld is 38 meter hoog en omarmt als het ware Brazilië. Om er te komen rijd je door het Tijuca regenwoud, het grootste bos ter wereld midden in de stad. Er leven prachtige vogels, planten en diersoorten. Wij zagen hier het cappuccino aapje. 

Wij zijn er met de bus naartoe gereden en hebben de laatste 222 treden te voet gedaan, maar het is ook mogelijk om er met de tandradbaan te komen. We maakten foto’s van het beeld waar de mist zo voorbij trok. 

De vrolijkste trappen van Rio

Na een bezoek aan Christus de Verlosser reden we door naar de kunstenaarswijk Santa Teresa. Hier vind je veel leuke galeries, restaurantjes en barretjes. Een leuke wijk om met de oude tram te komen. De wijk die hier vlakbij ligt, is de populaire uitgaanswijk Lapa. Hier bezochten we een bijzondere kerk en de beroemde gekleurde trappen, Escadaria Selarón. Ons laatste bezoek was aan de Suikerbroodberg, die alleen per kabelbaan te bereiken is. Als je geluk hebt, heb je een geweldig uitzicht over de baai en de stad. Het was een geweldige tour, ondanks dat het uitzicht bij mij niet zo spectaculair was. Naast deze tour zijn een bezoek aan de favela’s, botanische tuinen en een voetbalwedstrijd ook echt aan te raden. 

Salvador de Bahia

Tussen mijn bezoek aan Rio en Salvador zaten o.a. de watervallen van Iguacu, Bonito en de Pantanal. Heel leuk om na deze bestemmingen aan te komen in Salvador: een prachtige plaats, alleen al om doorheen te rijden! Ik verbleef in een leuk koloniaal hotel in het centrum van Salvador en in de avond genoot ik op terras van het hoofdplein tussen de Braziliaanse muziek en capoeira. 

De volgende dag had ik ook hier een stadstour. Salvador, eigenlijk Salvador de Bahia, is met 2 miljoen inwoners de derde stad van Brazilië, na Rio en São Paulo. Het was de eerste hoofdstad van Brazilië tot 1763. Een groot deel van de bevolking stamt af van de Afrikaanse slavenarbeiders, wat ook goed te zien is. 

Allereerst brachten we een bezoek aan de nieuwe wijk Barras, ten zuiden van het historisch centrum. Hier heb je een prachtig uitzicht over de Baai en vind je de stranden van Salvador. Op de hoek van deze wijk, aan het water, staat een oud fort met de oudste vuurtoren van Zuid-Amerika. Het fort hoort bij de koloniale geschiedenis, maar is nu een museum, wat interessant is om te bezoeken.

Pelourinho

Vervolgens reden we weer omhoog naar het centrum langs de haven. Hoe meer je in het centrum komt, hoe meer je ziet dat hier de rijke koloniale invloeden van de Portugezen heersten: vooral in de oude wijk Pelourinho, die op de UNESCO Werelderfgoedlijst staat. De kleurrijke koloniale huizen, houten balkons, vele kerken en gebouwen zijn echt fotogeniek. Je kunt hier uren rondlopen, lekker een terrasje pakken, genietend van een heerlijke caiparinha. 

Acarajé

Met de komst van de vele Afrikanen in de koloniale tijd zijn er ook veel Afrikaanse invloeden meegegaan zoals de Voodoo tradities, de Candomblé godsdienst, klederdracht, muziek en de Creoolse keuken. Op het plein kocht ik een lekker garnalenhapje bij de Afrikaanse dames wat Acarajé heet en in de avond ben ik naar een folklorische theatervoorstelling gegaan met prachtige traditionele dansen.

Ik was er ook op een dinsdag en dit is écht de dag dat je er moet zijn, want op deze dag is het in Pelourinho één groot feest. Dit wekelijkse evenement heet Gerônimo. Er wordt door de straten hard getrommeld. Het lijkt wel of het Carnaval is. Een geweldige sfeer. Overal zijn feesten en optredens die tot in de late uurtjes.