Feestdagen in Polen

In het katholieke Polen zul je veel vertrouwde feestdagen tegenkomen. Daarnaast worden er veel nationale en lokale feesten feestdagen gevierd.

Wat valt er te vieren?

Belangrijke feestdagen in Polen zijn: Nieuwjaar (1 januari), Dag van de Arbeid (1 mei), Dag van de Grondwet (3 mei) en Dag van de Onafhankelijkheid (11 november).

Die grondwet van 3 mei 1791 staat bekend als een van de eerste moderne grondwetten ter wereld. De invoering ervan markeert het hoogtepunt van de regeerperiode van koning Stanislaw II Augustus Poniatowski (1732-1798), een verlicht vorst, die was geïnspireerd door de Franse verlichtingsdenkers. De buurlanden Rusland, Pruisen en Oostenrijk waren niet zo blij met deze ontwikkeling. Nog geen jaar later beginnen ze een oorlog met Polen, wat uiteindelijk het einde van de grondwet en van Polen als onafhankelijke staat zou betekenen.

Op 11 november wordt het herstel van de Tweede Poolse Republiek (1918-1939) gevierd. Sinds de Poolse Delingen (1795) had het land effectief opgehouden te bestaan als onafhankelijke staat. Het grondgebied was verdeeld tussen Oostenrijk-Hongarije, Pruisen en Rusland. Toen Oostenrijk-Hongarije na de Eerste Wereldoorlog uiteen viel, Duitsland zware verliezen leed en Rusland in een burgeroorlog lag tussen tsaristen en communisten, greep Józef PiƂsudski zijn kans en verklaarde Polen op 11 november 1918 onafhankelijk.
Pas in 1989, na de val van de Muur, werd deze feestdag in ere hersteld en sindsdien elk jaar gevierd.

Naast bovenstaande dagen worden ook de bekende christelijke feestdagen gevierd: Pasen, Hemelvaart, Pinksteren, Corpus Christi, Maria Hemelvaart, Allerheiligen en Kerstmis.